09 Mar 2018

Nederlandse landbouw SDG-koploper Europa

Onions foto P+ People Planet Profit

Door de hoge productiviteit van de landbouw is Nederland binnen Europa koploper als het gaat om toepassing van de Sustainable Development Goals (SDG 2, einde aan honger).  Op het gebied van hernieuwbare energie staan we echter nog steeds op een schamele 26e plaats (SDG 7). Over de hele linie zijn de 17 duurzaamheidsdoelen van de VN het afgelopen jaar dichterbij gekomen.  Dit meldde het CBS deze week in een mede door MVO Nederland georganiseerde bijeenkomst in Nieuwspoort, Den Haag.

Uit het gepubliceerde rapportDuurzame ontwikkelingsdoelen: de stand voor Nederland’, blijkt wel dat er de nodige aandachtspunten zijn. Deze liggen vooral op het gebied van milieu, klimaat, energie en ongelijkheid tussen mannen en vrouwen. De meest opvallende achteruitgang is het wegzakken van Nederland uit de EU-kopgroep qua broeikasgasintensiteit. In november 2016 publiceerde het CBS de eerste meting voor Nederland. De rapportage van deze week laat voor het eerst ontwikkeling zien.

Volgens het CBS zijn die voor Nederland overwegend positief. Vooral die voor de doelstellingen fatsoenlijke (degelijke) banen en economische groei (SDG 8), duurzame consumptie en productie (SDG 12) en vrede, veiligheid en rechtvaardigheid (SDG 16) laten in meerderheid een soms kleine - maar positieve - ontwikkeling zien. Bij de doelstellingen einde aan armoede (SDG 1) en minder ongelijkheid (SDG 10) is het aantal indicatoren met een negatieve ontwikkeling groter.

Uit de vergelijking met andere EU-landen blijkt dat Nederland het vooral goed doet op economisch vlak, de rechtsstaat en instituties, en op sommige terreinen van onderwijs en gezondheid. Het bbp per hoofd van de bevolking in Nederland is één van de hoogste in Europa. Het risico op armoede is, ondanks een stijging in 2016, internationaal gezien nog steeds laag. De uitval van jongeren en het aantal tienerzwangerschappen zijn het laagst binnen de EU. Van het geproduceerde afval wordt bijna 82 procent gerecycled. Daarmee staat Nederland op de derde plaats in de EU. Ook het aantal vrouwen onder parlementariërs en lokale volksvertegenwoordigers is met 38 procent relatief hoog in vergelijking met de rest van Europa.

Nederland doet het minder goed op indicatoren die betrekking hebben op milieu, klimaat, energie en ongelijkheid. Zo staat Nederland al jaren vrijwel onderaan de ranglijst wat betreft hernieuwbare energie, met plaats 26 van de 28. Verder zijn de broeikasgasemissies per inwoner in vergelijking met andere EU-landen onverminderd hoog. Ook zijn er aandachtspunten wat betreft het ruimtegebruik in Nederland. Zo is het kleine areaal bos wellicht een gegeven, maar ook qua aandeel biologische landbouw scoort Nederland relatief laag. Het percentage vrouwen op leidinggevende posities was 26 procent in 2015, waarmee ons land op plek 25 van de 28 EU-landen staat. De in het regeerakkoord van Rutte II geformuleerde norm van 30 procent wordt daarmee nog niet gehaald.

Naast gelijksoortige indicatoren die elkaar bevestigen, zijn er ook indicatoren die interessante en soms opmerkelijke verschillen laten zien. Zo combineert Nederland een relatief lage plaats wat betreft vrouwen in leidinggevende functies met een relatief hoge plaats wat betreft vrouwen op volksvertegenwoordigende posities binnen het Nederlands openbaar bestuur.

De broeikasgasintensiteit van de Nederlandse economie is de afgelopen jaren gedaald. Die daling is echter minder sterk dan gemiddeld in andere EU-landen. Daardoor heeft Nederland de kopgroep (zesde plek in 2008) verruild voor de middenmoot (dertiende in 2015).

Download van het volledige CBS-rapport 





Reacties op dit bericht