25 Aug 2017

Hollandse Quinoa groeit met honderden procenten

Quinoa Jan Zeeman foto P+ People Planet Profit

Het marktaandeel van in Nederland verbouwde quinoa is de afgelopen jaren met honderden procenten gegroeid. Ook dit jaar verwacht de Dutch Quinoa Group een stijging van 160 procent. Daarmee is de procentuele stijging groter dat het uit Bolivia en Peru geïmporteerde superfood. Het is dus ook een supergroeier.

P+ presenteert deze week de Special ‘De verovering van quinoa’. In het journalistieke dossier worden de ontwikkelingen in Zuid-Amerika en in Nederland met elkaar vergeleken.

Aan het woord komt onder andere manager Rens Kuijten die de Nederlandse keten opbouwt. Hij heeft inmiddels 35 boeren om zich heen verzameld en levert de zaden aan Albert Heijn, Deen en groothandel Sligro. Van quinoa wordt ook meel gemalen voor bakkerijproducten. Verwerking in sportbars en als gepofte wafel is ook begonnen. De Dutch Quinoa groep haalt dit jaar voor de vijfde keer een oogst binnen.

Kuijten vergelijkt in de P+ Special de groeicijfers: “De import groeide in 2015 met 30 procent, in 2016 met 25 procent en zal dit jaar ook weer 25 procent stijgen. Wij begonnen natuurlijk op 0 en kennen deze jaren groeicijfers van 300 procent, 250 procent en verwachten dit jaar 160 procent.”

Opmerkelijk genoeg groeit niet alleen de omzet stevig door, het gewas doet het heel goed in Nederlandse grond. Dat is voor het eerst dat een Latijns-Amerikaans volksvoedsel hier wil groeien, na de ook uit Zuid-Amerika overgekomen aardappelen, vele eeuwen geleden. Het zoetmiddel stevia mislukte, aan cacao, bananen of ananas hoeft niet eens gedacht te worden. “Het groeit als een Jekko, zo hard”, zegt akkerbouwer Jan Zeeman uit Middenbeemster in P+. Hij verbouwt het gewas nu alweer voor het derde jaar. In Bolivia groeit het op hoogten van meer dan 2000 meter, in Nederland onder de zeespiegel. De Universiteit van Wageningen heeft wel naar aangepaste variëteiten gezocht.

Quinoa is een voedsel met een grote potentie om  voedselschaarste in de toekomst te voorkomen. Het bevat veel eiwitten, waardoor het consumptie van vlees –deels- kan vervangen. Het groeit ook prima in wat zoutere gronden, waardoor het verzilting van landbouwgronden kan opvangen, als gevolg van een stijgende zeespiegel.

In de P+ Special wordt ook de prijswinnende thesis van Florian Böhm behandeld, die een analyse maakte van de oorspronkelijke verbouw in Bolivia. De Westerse hype van de Superfoods zorgde daar de afgelopen jaren voor een ongekende inkomensstijging. Nu het er op aan komt de export te professionaliseren, signaleert hij echter tal van zwakheden. In ‘The Grain of the Gods against Poverty’ pleit de inmiddels afgestudeerde Duitser voor ‘one stop shops, waar boeren alles kunnen krijgen: zaden, financiering, advies, informatie over prijzen’. Deze gedachte ligt in lijn met de aanpak van Service Delivery Models van IDH, waar P+ eerder een Special over maakte. Hij adviseert in de Andes te focussen op biologische teelt en te profiteren van de uniek klimaatcondities. Net als een van de toekomstscenario’s van het CBI zou quinoa dan een special commodity worden, vergelijkbaar met couscous.

Böhm raakte emotioneel betrokken bij zijn speurtocht, die toch heel zakelijk begon met de definitie van zijn scriptiebegeleider, hoogleraar Rob Van Tulder (vakgroep Business Society Management): ‘Inclusive business means engaging in cross-sector partnerships along the value chain that maximize benefits for the poor while securing economic viability’. De student onderzocht tal van bedrijven in de keten uit Zuid-Amerika, daarbij bijgestaan door Laura Lucht van het Partnership Resource Centre. Hij werd de runner-up van de KPMG RSM Sustainability Master Thesis Award 2017.

De reportage van P+ (PDF) is gratis te downloaden op de website.





Reacties op dit bericht